José Nuijten

Ik ben er!

‘ Willen is kunnen’ was het devies van de Zusters van Liefde bij wie ik mijn lagereschooltijd doorbracht. Je zou zomaar zeggen dat het hun favoriete dooddoener was, alleen ter aansporing van onzekere, jonge kinderen die door hen, de superieure zwartgerokte, streng kijkende nonnen, werden gedrild en gevild. Geen lange broek, geen loshangend, lang haar; bidden, biechten en de tien geboden uit je hoofd leren.

Maar nu ik terugkijk op hun devies schuilt er wel waarheid in, zij het op een totaal ander vlak. Het leek me geweldig om in mijn eentje, met rugzak en stokken, te gaan lopen langs wegen waar toeristen zich liever niet begeven en waar de rust en stilte mij, naast de voldoening van de inspanning, een nieuw perspectief zouden bieden op het deel van mijn leven dat voor mij ligt.

Twee pelgrimstochten kwamen wat mij betreft in aanmerking: Santiago de la Compostella, van Jean Pied la Port naar Santiago, en de Cammino di Francesco, van Florence naar Rome. Beide gidsen heb ik aangeschaft, maar mijn keuze viel op ‘Het Franciscus pad’, met veel minder pelgrims en vooral veel minder toeters, bellen en files op het pad. Daarnaast was ik mijzelf al een paar jaar Italiaans aan het leren en hoe leuk zou dat zijn, contact maken met de lokale bevolking als pelgrim in hun mooie land. Nog voor het jaar 2018 voorbij was, boekte ik met behulp van mijn reisgids ‘Franciscaanse Voetreis’ alle overnachtingen met gebruikmaking van de emailadressen die vermeld staan bij de etappes, alsook de vlucht naar Florence op 12 mei 2019.

Er was nu geen weg meer terug en elke vezel in mij verheugde zich op de voettocht die ik zeker weten en zonder voorbehoud ging maken het komende voorjaar. Willen is kunnen, dacht ik. Wat kan me gebeuren? De meest gestelde vraag van vriend en vriendin was “Je gaat toch niet alleen?” Jawel, dus! In Florence liep ik langs de Arno de stad uit, omhoog richting Fontisterni, de eerste etappe die ik op Google Earth zo vaak had gezien dat ik hem bijna uit mijn hoofd kende.

Deze eerste dag merk ik ook hoe belangrijk het is geweest om mij voor te bereiden. De maanden maart en april stonden in het teken van kilometers lopen op mijn nieuwe Lowa’s en met volle rugzak. Pieterpad-etappes, allerlei trails met zoveel mogelijk hoogteverschillen, N70 bij Nijmegen en de Monterferlandse toppen.

Toch duurde het zeker wel tien etappes tot mijn lijf een beetje begon te wennen aan de werkelijk soms zeer steile klauterpaden, langs verlaten dorpen, vogelvolle beukenbossen, watervalletjes, beken die dwars over de weg liepen, rotspaden en modderige trappetjes. Het was gewoon heerlijk te stappen, omhoog, omlaag, bijna nergens vlak, bijna nergens asfalt, prachtige uitzichten, vaak met hulp van de gps op mijn telefoon, langs – over het algemeen – goed bewegwijzerde paden in de vorm van klodders gele verfpijlen, rood-witte markeringen, bordjes en noem maar op.

Het was heel zwaar, iedere dag maakte ik de laatste loodjes mee, soms hardop zingend om mijn moraal op te krikken. Maar altijd, iedere dag opnieuw, voelde ik me ’s morgens weer sterk, energiek en vol vertrouwen dat ik de nieuwe uitdaging van die dag zou uitlopen, en vol trots steeds kon terugkijken. En elke avond als ik weer veilig binnen was, stuurde ik een appje naar mijn lief. Ik ben er!

Lees de blogs van José Nuijten

Voettocht van Florence via Assisi naar Rome