Rinse van Gans

A

A ls in de wandelgids ‘Franciskaanse voetreis’ staat dat een helling steil is dan is dat ook zo. Als in diezelfde gids staat ‘de helling is steil maar er is veel schaduw’ dan zit je in de derde ring van de hel. Wat een lol hebben de auteurs gehad volgens mij bij het bedenken van die zin. Heerlijk.

Het was weer genieten vandaag. Zonnetje erbij. Berg op en berg af tot Badia Prataglia en daarna hetzelfde. Maar nu ook door beekjes, beken en riviertjes. Heerlijk koel. En dan komt opeens het heilige woud bij La Verna. Wat is dat geweldig zeg. 

Ook daar mijn grondzeiltje even neergelegd en minstens een uur gelegen. Het is net een kerk maar dan buiten. Vreemde stilte maar het heeft iets mystieks. Werkelijk waar. Mijn gedachten gingen naar de laatste weken. De mensen die ik heb ontmoet, de koekoek die me al maanden begeleidt, de natuur, mijn beperkingen. 

Daar zo liggend valt het me op dat het stil is. Helemaal stil. Alleen mijn ademhaling en wat gezoem van muggen. Het besef dat monniken hier eeuwenlang hebben gemediteerd. Honger hadden. Dorst. Maar vandaag ben ik geen monnik in dit bos tegengekomen. Alleen mezelf.

Twee tips voor wanneer je wilt overnachten in het klooster van La Verna. Reserveer en probeer wat Italiaanse zinnen en woorden te leren. Dat scheelt. Maar ik heb een kamer gekregen en het uitstekende diner smaakte goed. Op de tafelschikking heb je geen invloed wat alleen maar leuk is.

Maar op het moment dat men hoort dat ik uit Nederland kom, heb ik wat uit te leggen over euthanasie. En dat is best wel ingewikkeld in het mengelmoesje van Italiaans/ Spaans/ Engels en Duits. Maar volgens mij is het gelukt.

Wanneer Italianen ’s morgens luid jammerend over de grond rollen of met lege blikken heen en weer wiegen, kan dat twee dingen betekenen. Of de koffie is op. Of het wordt wel erg zonovergoten die dag. Na vijf minuten wandelen wist ik het zeker: de koffie was niet op.

Al weken heb ik het gevoel dat ik mijn eigen waterval met me mee tors. Door de inspanning worden de poriën behoorlijk doorgespoeld en de koperen ploert zorgt dan nog eens voor een toetje.

Maar als echte Winschoter met Friese roots maakt me dat niet zo veel uit. Hoe heter hoe beter. Bij ons is het tenslotte ook wel eens twintig graden. Dus op weg naar Gubbio vandaag. Twee Duitsen ontmoet die elk jaar een paar etappes lopen van de ‘Nederlandse’ route.

Na een uurtje afscheid genomen van deze Dirndl’s en weer door naar de verte. De koekoek is gelukkig ook weer terug. Ik merk dat ik tegen haar begin te praten.

Of als ik haar even niet hoor, vraag ik of ze een teken van leven wil geven. Al sinds mijn vertrek hoor ik haar elke dag. Het is mooi om te denken dat het dezelfde koekoek is. Het leven is mooi. Er is veel te zien, te horen en te ruiken. 

Vlinders. Slangen. Herten. Hazen. Bloemen in alle soorten en maten. Wat is dit genieten. De roofvogels mis ik wel. Misschien toch maar afscheid nemen van deze wandelweg en de E1 opzoeken na Assissi? Maar zal de koekoek me dan blijven begeleiden? En wil ik niet te graag naar huis?

Na lang wikken en wegen toch maar een museum bezocht. Licht en donker. Goed en kwaad. Een modern verhaal van macht, God, gevallen engelen en verlossing. Kortom ook weer zeer verhelderend.

Maar geef mij maar de natuur van nu. Met de bloemen maar vooral de dieren. Man, wat heb ik veel gemist de afgelopen jaren!

Weemoed

Weemoed. Al terug kijkend naar de afgelopen weken, kreeg ik vandaag opeens een melancholisch gevoel. De reis van mijn leven (tot nu toe) loopt op zijn einde. Het reisdoel is in zicht, het avontuur bijna voorbij. Mijn hele lichaam voelde dat ook zo aan. Hoe ik dat weet? Al mijn poriën huilden schokschouderend vanaf een uur of zes deze morgen.

Een voordeel van vroeg vertrekken is dat je of veel kilometers maakt of dat je vroeg op een plaats van bestemming bent. Vandaag voor de laatste optie gekozen. Dus om twaalf uur een pizza en een biertje verwerkt om daarna de airco op te zoeken in een heuse Albergo. 

Hoe voel je je?

Zonder overdrijven: ik voel me een jaar ouder dan toen ik weg ging. Zonder schoenen loop ik echter als een honderdjarige die uit het raam sprong. Volgens mij ben ik niet veranderd. Ik ben nog steeds geweldig, superintelligent met een lichaam van een jonge god. Misschien is mijn superioriteitsgevoel wel iets afgenomen. 

Was de reis meer een mentale kwestie dan een fysiek gebeuren?

Mentaal. Je voeten blijven wel gaan. Het is niet zo dat op een druk kruispunt de linkervoet naar links wil en de rechter naar rechts met een pijnlijke spagaat als gevolg. Maar terwijl je voeten het werk doen gaan je gedachten voortdurend met je op de loop. ‘

‘Zal ik hier pauze houden?’, ‘Zal ik deze bank beroven of die in een volgend dorp?’, ‘Zal ik weer een pauze inlassen?’, ‘Voel ik nu iets in mijn knie/ enkel/ rug?’, ‘Moet ik hier een pauze inlassen?’, ‘Loopinator het is leuk en aardig maar dit ga je nooit redden!’, ‘Zijn we er al?’, ‘En nu dan?’, ‘Waarom niet? ‘Ik kan niet meer!’.

En dit keer 60 keer per minuut, acht uur per dag. Vermoeiend. 

Wat ga je missen?

De vrijheid. De kleuren, de geuren, de smaken. Het voorbijganger zijn. Vooral dat laatste. Heel bewust deze reis maken in de wetenschap dat een land, de mensen jou een kijkje gunnen in hun leven. Dat ga ik missen. Want dat komt op deze manier nooit meer terug. 

Heb je wel eens gehuild onderweg?

Ja. Net. Toen ik het vorige opschreef.

Voettocht van Florence via Assisi naar Rome